Nieuw onderzoeksartikel: Onderzoek naar de Betrouwbaarheid en Validiteit van de Self-Report Symptom Inventory bij Jongeren
Vandaag publiceren we het onderzoeksartikel: ‘Onderzoek naar de Betrouwbaarheid en Validiteit van de Self-Report Symptom Inventory bij Jongeren’.
Door: Leona Blanken (Zuyderland GGz, Sittard-Geleen), Yvonne Bol (Zuyderland Medisch Centrum, Sittard-Geleen), Audrey Merry (Zuyderland Medisch Centrum, Sittard-Geleen) en Brechje Dandachi-FitzGerald (Universiteit Maastricht en Open Universiteit Heerlen).
Lees het artikel gratis op onze site: https://jeugdinontwikkeling.nl/article/view/18363
Kern van het onderzoek:
Hoewel jongeren hun klachten kunnen overdrijven, zijn er voor deze doelgroep geen opzichzelfstaande instrumenten beschikbaar om deze vorm van symptoomvaliditeit te meten. Blanken, Bol, Merry en Dandachi-FitzGerald onderzochten of de Self-Report Symptom Inventory (SRSI) voldoende onderscheidend vermogen heeft om respondenten die hun klachten eerlijk invullen te onderscheiden van respondenten die geïnstrueerd zijn depressie of pijn te veinzen. Daarnaast beoordeelden we de interne consistentie en test-hertestbetrouwbaarheid van de SRSI. Bijkomend onderzochten we de impact van het slordig invullen op de SRSI.
Aan het onderzoek namen 88 jongeren deel uit de algemene populatie met een gemiddelde leeftijd van 13,93 jaar (SD = 1,47), van wie de helft vrouw was. SRSI werd tweemaal ingevuld: de eerste keer eerlijk (N = 88) en de tweede keer volgens een van de vier rollen: eerlijk invullen (n = 24), depressie veinzen (n = 23), pijn veinzen (n = 22) of slordig invullen (n = 19).
De resultaten tonen aan dat de SRSI effectief onderscheid maakt tussen eerlijke invullers en geïnstrueerde veinzers. Bij slordige invullers scoort ongeveer de helft van de deelnemers boven het afkappunt van de SRSI. Exploratief onderzoek suggereert dat het positief beantwoorden van meer dan één consistentie-item na het falen op de SRSI, eerder wijst op slordig invullen dan op klachtenoverdrijving. Concluderend zijn deze eerste bevindingen bemoedigend voor de toepasbaarheid van de SRSI bij jongeren. Verder onderzoek is echter nodig alvorens de SRSI ingezet kan worden om klachtenoverdrijving bij jongeren in de klinische praktijk op te sporen.